Selecteer een pagina

Ronde-arts tijdens wielerkoersen

Tijdens mijn opleiding tot arts raakte ik gefascineerd voor het werk wat artsen in de Tour de France doen. Het oplappen van renners vanuit een auto, met een half lijf uit de cabrio hangend, dat moest toch fascinerend zijn! Tijdens mijn opleiding tot militair arts trok ik de stoute schoenen aan en belde ik met een organisator van destijds ‘De Ronde van het Ronostrand’ in Roden. Bekend gebied want hier vlakbij groeide ik op en reed ik wel eens op mijn mountainbike en later mijn racefiets een rondje. De organisator sprong een gat in de lucht; de ronde-arts die normaal hielp, was verhinderd en zonder medische begeleiding ging een koers van deze omvang niet door. Mijn idee om eerst eens met iemand mee te kijken, vervloog hierbij wel meteen. Ik was er van…

Tekst Liesbeth Kemkers

’s Ochtends stapte ik in de auto naar Roden, bij de linten en afzettingen gaf ik aan dat ik de ronde-arts was van die dag en zo kwam ik makkelijk op mijn punt van bestemming. Na het kennismaken met de jury, waarvan ik er toch wel aardig wat kende, volgde de juryvergadering. Tijdens de eerste jaren van mijn ronde-arts bestaan, reed ik zelf nog wel eens een wedstrijdje en reed vooral mijn vriend door heel Nederland elite-wedstrijden. Een goede manier om het wereldje te leren kennen en ook de mensen die verantwoordelijk zijn voor de organisatie. Tijdens de jury-vergadering werd verteld hoe de koers gepland was, hoeveel grote en kleine ronden er gereden werden en waar we rekening mee moesten houden. In een dergelijke vergadering komt ook de politie aan het woord over verwachte knelpunten en dergelijken.

Na een snelle bak thee ging het spektakel beginnen. Ik wenste mijn vriend succes en vroeg hem vooral op de fiets te blijven zitten deze wedstrijd; mijn vuurdoop als ronde-arts. In de auto zat ik naast een ervaren chauffeur, ook uit de koerswereld afkomstig. We hadden via een radiosysteem contact met de jury en er was een zogenaamd net waar ook andere mensen mee konden luisteren om de koers te kunnen volgen (militair het gehaktballennet). Via dit systeem kon ik een oproep krijgen om te kijken bij een valpartij. Na ongeveer 17 minuten hoorde ik de woorden: ‘Valpartij, valpartij, valpartij, ronde-arts graag even kijken!’ De adrenaline gierde door mijn lijf want ik had geen idee wat ik zou aantreffen. Op een klinkerstrook was iemand in het gras daarnaast geraakt, die stuurde weer de weg op en reed daardoor het peloton in met veel gevallen renners al gevolg. Tussen de oproep en het uit de auto rennen, hoorden we meerdere knallen en had ik al wel door dat er het een ander was gebeurd.

Zijn elleboog helemaal bebloed en zijn nieuwe fiets zo krom als een hoepel. Ik schrok en riep uit reflex: ‘Schatje wat heb je gedaan? Je moet verder!’

Ik stapte rechts uit de auto met een EHBO-er van het rode kruis in mijn kielzog. Er lagen drie renners in het gras en snel deed ik mijn eerste check hoe ze er aan toe waren. Dit doe je volgens een protocol om te voorkomen dat je in het heetst van de strijd iets vergeet. Er was een hoop huid gesneuveld en ook de carbonnen frames waren niet ongeschonden uit de strijd gekomen. Nadat ik rechts iedereen snel gecheckt had, liep ik naar de linker weg helft. Slingerend tussen volgauto’s en mechaniekers rennend met wielen bereikte ik de kant. Ik liep naar voren en zag daar nog 4 renners. Na de check van de eerste, zag ik tot mijn grote schrik mijn vriend op de grond zitten. Zijn elleboog helemaal bebloed en zijn nieuwe fiets zo krom als een hoepel. Ik schrok en riep uit reflex: ‘Schatje wat heb je gedaan? Je moet verder!’ De man ernaast keek me aan en vroeg zich af waar deze voorkeursbehandeling vandaan kwam, stond op en dacht er het zijne van.

Nadat ik iedereen snel gecheckt had en zag dat het vooral schaafwonden waren, moest ik zo snel mogelijk weer de auto in, achter het peloton aan. Ik stapte in en de chauffeur scheurde weg. Met 80 km/uur scheurden we door Roden en Lieveren om de koers weer in zicht te kunnen krijgen. Ondertussen probeerde ik me zelf weer een beetje te fatsoeneren voor een volgende stop en hield ik me vast een de leuningen van de auto. Na 8 minuten crossend over langweggetjes, sluiten we achter aan in de caravaan. Luid toeterend maakt de chauffeur duidelijk dat wij als arts naar voren moeten. De meeste volgauto’s maken netjes plaats, af en toe vraagt iemand zich af wie er zo brutaal inhaalt. Eenmaal terug op onze plaats in de caravaan, meld ik bij de jury dat we er weer zijn. Gedurende een groot gedeelte van de koers blijft het rustig, af en toe wat kleine ongelukjes maar vaak maar met 1 of 2 renners. Wel moeten we er nog vaak even uit om te kijken. Soms een renner die even langs komt: ‘Mag ik een paracetamolletje dokter?’ Ook komt er iemand langs met een bloedneus die ik probeer te stelpen samen met hem. Tijdens de derde ronde zie ik mijn vriend samen met de rest van mijn familie langs de kant staan. Met verband om zijn armen en met een sip gezichtje, maar wel in de buurt van mijn familie gelukkig. Goed opgevangen.

Na een sinas kom ik even op adem en bedenk ik wat er vandaag allemaal wel niet gepasseerd is. De jury is druk in beraad hoe het laatste incident heeft plaats kunnen vinden en dat krijgt nog een staartje.

In de laatste ronde gaat de gaskraan van de renners volledig open. De een na de ander wappert er af en al die kleine groepjes halen wij in rap tempo in. Dan…een enorme knal en chaos. Ik wacht niet eens meer op de oproep via de radio. De chauffeur parkeert behendig in de berm en wat ik zie is chaos. Er zijn 3 wielrenners boven op een motor van de politie geknald. Het is een waar slagveld. Een man heeft een enorme snee in zijn scheen waar het bloed uitstroomt, iemand kan zijn armen nog amper bewegen en de derde weten we eerst niet te vinden. Die zit later in de berm, hevig geschrokken. We besluiten hier te blijven en niet het kleine rondje nog mee te gaan. Snel coördineer ik wie waar heen moet en kijk ik naar de meest gehavende wielrenner. Ze zijn aanspreekbaar maar wel een beetje de weg kwijt. Snel doe ik wat testen en besluiten we 2 mee te nemen naar de controle post in de permanence. Ze worden ingeladen in de ambu en later check ik bij de post hoe het ze gaat. De wond is te diep om even hier te hechten en bij de ander denk ik aan een sleutelbeenbreuk. Ze moeten naar het ziekenhuis voor behandeling helaas.

Na meer dan 4 uur in de auto is de ronde op zijn eind, wie er gewonnen heeft? Ik heb werkelijk waar geen idee. Eerst moet ik naar de toilet, een vrouwenblaas is dan toch echt een nadeel. Na een sinas kom ik even op adem en bedenk ik wat er vandaag allemaal wel niet gepasseerd is. De jury is druk in beraad hoe het laatste incident heeft plaats kunnen vinden en dat krijgt nog een staartje.

Als ik denk eindelijk even te kunnen gaan zitten, komt mijn vader naar mij toe. Een van de organisatoren sneed met een stanley mesje iets los maar daarmee ook een deel van zijn hand. Of ik nog even wil kijken. Oja, dokter, hij slikt ook bloedverdunners… het rode spoor volgend vind ik de beste man. Het is een best gat; ‘Maar ik hoef niet naar de huisartsenpost toch dokter?’ Ik kijk hoeveel hechtingen ik heb en denk nog een keertje na. Ik kijk de geharde man aan en denk ik: ‘ Ok, laten we dit fixen’. De ene EHBO-er houdt een lampje vast en de andere de schaar en zo zet ik een nette hechting in de hand van de man. Hij is me erg dankbaar en de dag daarna bel ik hem even hoe het gaat; het gaat perfect!

Dit jaar zou ik nog vaak meerijden als ronde-arts. Soms gebeurt er weinig en soms heel veel. Tijdens een koers in Noord-oost Groningen kom ik bij een valpartij waarbij iemand head-first het gras heeft geraakt. Ik kijk hem aan en zie veel bloed. Ik vraag wat hij doet en hij antwoordt dat hij zijn voortanden aan het zoeken is in het struikgewas. De dokter die achteraan de caravaan mee rijdt, neemt hem van me over en als ik weer instap, zie ik dat hij in goede handen is. Wij scheuren weer met 100km/uur verder om de koers in zicht te krijgen. Wat is het ook een sport denk ik soms.

Het werk als ronde-arts is hollen en stilstaan, net als bij defensie. Soms zit je drie uur en gebeurt er niets, soms heb je net je handschoenen gewisseld en mag je weer een sprintje trekken. De adrenaline die me dat geeft samen met het gevoel midden in de koers te zitten, maken dit voor mij fantastisch om te doen; een mooiere combinatie van werk en passie kan ik niet vinden! Inmiddels wel op zoek naar nog mooiere en grotere koersen, ook in het buitenland, dus als u nog een ronde-arts zoekt, een mail is altijd welkom!